Buurman

Op mijn sloffen, in mijn pyamabroek en met mijn jas erover heen, loop ik de trap af in ons appartementengebouw. Ik heb onze vuilniszak in mijn hand. Op de beneden etage zie ik net mijn lieve buurman van de tweede de lift instappen. We geven elkaar een grote lach en wensen elkaar een fijne dag. En dan zegt hij nog “En hou maar heel veel van alle mensen vandaag” en de liftdeuren sluiten. De zin blijft bij mij hangen, terwijl ik naar buiten loop om de vuilnis weg te zetten. Niets is voor niets, dus dat hij dit tegen mij zegt ook niet. Laat het nou nét een dag zijn, dat ik heel veel nieuwe mensen ga zien, dus de zin voelt heel welkom. Dat ga ik zeker doen! Hoe vaak staan we eigenlijk stil bij al onze ontmoetingen die we hebben op een dag, vraag ik mij af. Zijn het ‘gewoon’ ontmoetingen of zijn het momenten waarin we echt verbinding maken met iemand? Waar maak ik onderscheid in mijn ontmoetingen of waar heb ik even geen zin om iemand te ontmoeten? Is iedereen voor mij gelijk en krijgt iedereen al mijn aandacht? Ik kwam onlangs de schoonmaker tegen van ons gebouw. Hij draaide zich om en we keken elkaar met een stralende lach aan. Werk je hier nog, zeg ik, wat ontzettend leuk. Ja, ik werk hier nog, jij bent toch van de vierde verdieping, antwoordt hij. Wat fijn om je weer te zien zeg ik, en geef hem een hand. Hoe heet je ook alweer? Mohammed, zegt hij. Ik ben Mariette en dit is mijn moeder, die naast mij staat. Ja, dat kan ik wel zien, zegt hij. Hou maar heel veel van alle mensen vandaag, wat een mooi voornemen om elke dag mee op te staan. Daar hoeft het geen 1 januari voor te zijn, daar kan ik elk dag, elk moment voor kiezen.

door
Vorige blog Volgende blog

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

0 shares