Stemmen (II)

En nu? Ik kijk de meneer achter de stemtafel vragend aan, nadat ik twee stembiljettten en mijn paspoort heb overhandigd. Hij geeft mij twee formulieren. Ik ben er een beetje uit, het is alweer lang geleden zeg ik. Twee?, vraag ik. Ja, voor water. Water?, vraag ik. Ja, je kan ook voor het waterschap stemmen. Diepe zucht. Ik vind die staten al zo ingewikkeld, laat staan water, zeg ik. Ik probeerde er vanmiddag toch nog onderuit te komen door tegen mezelf te zeggen dat ik niet wist waar het stembureau is. Totdat ik na het boodschappen doen langs eens stembureau liep. Ok, dit is een teken. Ik had vanmorgen al mijn zusjes geappt, “Wat gaan jullie stemmen?”. De ene zus appte terug met D66, met als toevoeging: voor het onderwijs….De andere zus moest een bekentenis doen via de app, dat ze haar stembiljet had weggegooid. Het politiekloze heb ik van niemand vreemd. Dan toch nog maar even de stemwijzer doen. Bij de eerste vraag heb ik al geen idee en klik ik op ‘geen van beide’. Dit heb ik dusdanig vaak aangeklikt, dat ik een cito toets gevoel krijg. Wat zijn dit voor vragen? Theoretisch gezien had ik door de uitslag in een acute politieke depressie kunnen raken, maar daar heb ik niet voor gekozen. Mijn top drie ziet er als volgt uit: 1. De multiculturele pluspartij 2. Vrouwenpartij 3. Piratenpartij. Wat leuk, een vrouwenpartij, denk ik nog, maar daar hoef ik niet mee thuis te komen. Zo’n keurig VVD dorp laat toch haar sporen achter. Ik kijk op de lijsten die in het stembureau liggen en volg het advies van mijn zus op. De eerste vrouw op de lijst krijgt van mij een rood kruisje. Bij het water heb ik werkelijk geen idee. Uit puur gemak kies ik de eerste partij en kruis ik wederom de eerste vrouw op de lijst aan. Misschien dat ik me toch maar eens in de politiek moet gaan verdiepen, die vrouwenpartij is wellicht zo gek nog niet.

door
Vorige blog Volgende blog

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

0 shares