Bootje varen

Het Ba Be national park is bekend om haar prachtige meer. Dit meer rekt zich uit over een groot gebied en ligt waanzinnig mooi tussen de bergen. Er staat een lake trip op het programma  en na het ontbijt vertrekken we met z’n viertjes richting de boot. We hebben twee dekens mee want het schijnt op het water koud te zijn. Het is een lang smal metalen bootje met een bamboe overkapping en een diesel motor. Voor de toeristen (wij dus) zijn er twee rode plastic stoelen en die worden achter elkaar gezet, vooraan op het puntje van de boot. Ik zit als een bejaarde koningin voorop, geheel ingewikkeld in mijn deken. James schuilt achter mij, wat hij prima vindt, want zodoende vangt hij minder wind. Het is er super stil en zo afentoe kom je een ander bootje tegen met locals, er zijn wat vissers op het water en we tuffen langs een aantal dorpjes aan de kant van de rivier. Het is heerlijk zitten en natuur kijken. We lunchen in een van de dorpjes, nou ja, dorpje, er staan vier huizen, er lopen tien honden rond, wat hangbuik varkens, kippen en ja, er wonen ook nog wat mensen. Er is één ‘restaurant’ waar we voortreffelijk te eten krijgen. Wederom niet a la carte, maar a la surprise. De stoeltjes en de tafel zijn van kleuterformaat en James lijkt wel een reus op zo’n stoeltje. Ik trouwens ook. Binnen een mum van tijd staat het tafeltje vol met lekkernijen. Met name de vettige springrolls zijn erg smakelijk. Mijn nieuwe drankje is vietnamese tea, wat ik nu bij elke maaltijd drink. De honden zijn blij met mij, die krijgen alles wat wij niet opkunnen. En ook wat we wel opkunnen, tot grote ergernis van James. Sinds ik weet dat ze hier hond eten, geef ik die schatten wat extra aandacht. Tja, het zijn toch net mensen…

 

door
Vorige blog Volgende blog

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

0 shares