Familie

Ik sta met J. en E. bij de stoplichten, op weg naar de appie. Ze komen even bij ons ‘chillen’. Eigenlijk zijn wij een soort familie, heh, oppert J. Ook al zijn we niet echt familie, zo voelt het wel. Ik kijk hem aan en vertel hem dat dit voor mij ook zo voelt. Je hoeft niet echt familie te zijn, om je als familie te voelen, zeg ik. Ja, zo gaat hij verder, want wij kennen elkaar écht goed heh. Zeker, zeg ik, wij kennen elkaar écht goed. Een van de grote voordelen van weer in de stad wonen, is dat we op minimale loopafstand van vriendin E. en haar gezin wonen. Met name J. vindt dit geweldig, omdat hij nu zelf naar ons toe mag. Je bent altijd welkom, zeg ik tegen hem, maar dat weet hij. Het zijn wijze woorden die J. spreekt, bedenk ik mij later. Want waar ligt de grens van het ‘familiegevoel’, als die al bestaat. Ja, in ons hoofd zijn we geneigd om onze ‘eigen’ familie als anders, bijzonder of speciaal te zien, maar is dat eigenlijk niet een vorm van separatie, vraag ik mij af. Hetzelfde geldt voor andermans kinderen. Behoren kinderen écht alleen toe tot de ouders waar ze geboren worden, of zijn we allemaal opvoeder voor alle kinderen? Ik vind het mooi dat je dit deelt, zeg ik tegen J. Vanmiddag appte ik nog naar je moeder dat ik zoveel van jullie hou. Ik merk zelf hoe mooi het is om het familiegevoel steeds meer uit te breiden buiten de grenzen van het eigen gezin. Maar dat niet alleen. Ook om de rollen die er binnen een gezin zijn, steeds meer los te laten. Om mijn vader bijvoorbeeld te ontdoen van zijn rol als vader, en hem te zien voor de man die hij is. Zo ook voor mijn moeder. Welke vrouw schuilt er achter mijn moeder en kan ik mijn rol als dochter loslaten? Ik merk dat hierdoor de relaties veel opener worden en dat je, door hiervoor te kiezen, de ander de mogelijkheid geeft meer van zichzelf te laten zien. Want als we al die rollen weglaten, zoals ‘familie’, ‘zus’, ‘moeder’, ‘vader’, ‘kind van goeie vriendin E.’, wat blijft er dan over? Stuk voor stuk geweldige mensen die allemaal een wijsheid in zich dragen en met wie ik op gelijke manier om mag gaan. Wat later zitten J. en E. heerlijk naast elkaar op de bank, te kijken naar het Sinterklaas journaal. Ook al wonen we hier pas drie dagen, het voelt alsof we nooit zijn weggeweest.

door
Vorige blog Volgende blog

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

0 shares