Homestay

Het laatste half uur van de trekking vraag ik telkens “is this the house where we are going to stay?”. Ik ben duidelijk nieuwsgierig, wat nerveus en ik voel mijn benen. Er was ons al gezegd dat het extreem basic zou zijn maar ja, hoe basic, dat weet je pas als je er bent. We komen binnen via een grote stal en het is nog net niet donker dus we kunnen alles goed zien. Misschien wel té goed. Het grote leefhuis bestaat uit één grote ruimte met nog een trapje naar boven, waar normaal de opslagruimte is, maar als er bezoek is, worden er matrassen neer gelegd. Waar is onze kamer, vraag ik aan James. Het grootste gedeelte wordt in beslag genomen door de keuken, met twee grote open vuren, en veel potten, pannen en wokken. In een hoek staat er een extreem lelijk wandmeubel met tv en een bank en verder nog een bed. Buiten is de ‘restroom’, en die valt alles mee. Een poepdoos en daarnaast de ‘douche’. Het eerste half uur moet ik even landen en word ik overvallen door een voor mij herkenbaar gevoel van heimwee. Dit duurt altijd maar even, en dan begin ik langzaam aan te wennen. Waar slapen wij, vraag ik weer aan James. De familie bestaat uit (over)grootmoeder (dik in de tachtig en wellicht ietswat dementerend), haar zoon en zijn vrouw, die er nu niet waren, hun twee jonge zonen en vrouwen, waarvan één stel twee kleine kindjes heeft. Ze kennen hier geen luiers, dus er wordt veelvuldig van broek gewisseld bij de jongste. Onze twee trekking gidsen lopen er ook rond (en zijn druk in de weer in de keuken) en uiteraard onze eigen gids. Het is een bont gezelschap, en we weten al snel het vuur te vinden, waar we heerlijk bij gaan zitten. Voor het koken wordt flink de tijd genomen en het is heerlijk meditatief kijken naar hoe ze alles klaarmaken. We krijgen een emmer met heet water aangeboden, zodat we kunnen ‘douchen’. Er heerst een enorme rust in het huis, ze kennen hier weinig prikkels. Geen speelgoed voor de kindjes, geen tv of computer die aanstaat, geen ipods met muziek. Alleen de mobieltjes zijn hier zeer populair. Zodra het eten klaar is, worden er twee tafels in het midden van de kamer gezet en gaan we met z’n allen eten. De flessen met ‘water’ komen direct op tafel en er wordt weer flink geproost en handen geschud. Na tafel is er niet echt veel te doen dus we gaan bijtijds naar bed. Waar slapen wij, vraag ik voor de zoveelste keer aan James. Wij mogen met het trapje omhoog, waar twee matrassen klaarliggen met dekens, en drie meter van ons vandaan slaapt onze gids. De familie slaapt op zo’n vijf meter afstand van ons, waarvan de twee kleintjes met hun ouders vrijwel direct onder ons. Het was een korte nacht en de haan was ook nog van slag, die begon al rond twee uur ’s nachts te kraaien. Met kleren en al zijn we in bed gestapt en de volgende ochtend, na het ontbijt, zijn we verder met onze trekking gegaan. Dichter dan dit kom je niet bij de mensen thuis.

door
Vorige blog Volgende blog

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

0 shares