Monopoly

Ik kan me die zondagen nog goed herinneren, dat we met z’n allen thuis monopoly speelden. Een voorwaarde was wel dat het buiten koud en guur weer was, dat we nog in pyama waren, dat er veel lekkers was en dat we nergens naartoe hoefden. Een monopoly spel met mijn familie kon zo uren in beslag nemen, voornamelijk omdat we het heel erg leuk vonden maar ook doordat er ruimschoots vals werd gespeeld en we er (dankzij mijn vader) eigen spelregels op na hielden. Soms lieten we het spelbord staan en gingen we de volgende dag verder spelen. Wij hadden zo’n heel oud spel, in het Engels, en het geld viel van al het gespeel uit elkaar. Sinds kort kruist monopoly weer mijn pad maar dit keer op een geheel andere manier. James heeft de monopoly app ontdekt (met dank aan de column van S. Witteman, dus Sylvia bedankt!) en die hoor ik niet meer. Dat is op zich best rustig. In alle stilte speelt hij tegen een onzichtbare tegenstander, en komt er geen papiergeld aan te pas, worden er geen stapeltjes gemaakt, wordt er niet heel hard geschreeuwd als je in de gevangenis komt, wordt er niet gevloekt als je op een dure straat met hotel komt of gejuicht als je eindelijk een hele straat hebt. Ik hoor helemaal niets. Dit duurt nu al een week of twee en James kennende houdt hij dit gezelschapsspel nog wel even vol. En ik begin inmiddels steeds meer gewend te raken aan mijn mobielloos bestaan. Het heeft wel wat en toch geruststellend ook om te merken dat er nog leven is zonder Iphone. Het maakt het leven heerlijk overzichtelijk. Het heeft ook wel iets nostalgisch, net als die zondagen thuis toen we monopoly speelden. Het altijd bereikbaar moeten zijn, waren we toen ook niet. Wie weet dat ik James binnenkort kan verleiden tot een écht potje monopoly. Wie weet, als het zondag nou gaat regenen……

door
Vorige blog Volgende blog

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

0 shares